Voordat de oorlog begint*

*Crisis en mobilisatie.

De jaren voor de oorlog zijn voor veel Schiedammers zwaar. Veel van hen zijn werkloos, het is crisis in Nederland. Sommige Schiedammers zien Mussolini in Italië en Hitler in Duitsland als voorbeeld voor een mogelijke uitweg.

In Schiedam zijn rond 1932 verschillende fascistische en nationaalsocialistische partijen actief. In 1934 opent de leider van de NSB, Anton Mussert, het kringhuis van de Schiedamse afdeling aan de Lange Haven. Er is ook een bijeenkomst in het Passagetheater. In 1935 is de populariteit van de NSB op zijn hoogtepunt. In 1939 is die alweer flink gekrompen.

Bijeenkomst van de NSB op 11 februari 1935 in gebouw Eendracht. Maker onbekend, 1935, collectie Gemeentearchief Schiedam, beeldnummer 10621

Mobilisatie

In 1939 moeten duizenden Schiedamse mannen zich melden als soldaat. Veel gezinnen verliezen daarmee hun kostwinner, bedrijven hun personeel. De gemeente laat schuilloopgraven aanleggen en er komt luchtafweergeschut buiten de stad te staan. De mobilisatie gaat ook in Schiedam niet ongemerkt voorbij. 

Dagelijks leven

Tegelijkertijd gaat het dagelijks leven door. Er zijn voetbalwedstrijden en in april 1940 opent een grote bloemenshow. De opening van het Stedelijk Museum Schiedam in een nieuw gebouw staat aanvankelijk gepland voor medio mei. Toch nog onverwacht breekt op 10 mei 1940 de oorlog uit: het Duitse leger trekt Nederland binnen.

Het verhaal van Cor

Cor Visser is een tiener als de oorlog uitbreekt. ‘De tijd voor de oorlog was met angst, dat begon al vanaf Kristallnacht,’ vertelt hij in 1998. Hij is afgekeurd voor militaire dienst en kan dus in Schiedam blijven. Op 10 mei 1940, direct na de Duitse aanval, wordt Cor lid van de Burgerwacht. Er staan lange rijen van mannen die zich willen melden. Cor kan dankzij een vriend doorlopen en wordt direct aan het werk gezet: ‘Ik zat alleen in een kamer met een schrijfmachine en een revolver. Dat laatste werd nodig geacht, want in de kamer naast mij, met verbindingsdeur, werden NSB-arrestanten binnengebracht.’

Op 14 mei volgt het bombardement op Rotterdam. Cor gaat de dagen daarna kijken naar de schade: ‘Al die branden was verschrikkelijk. Mensen sleepten huisraad naar buiten, zaten in het gras aan de waterkant. Het centrum ingaande waren alleen het postkantoor en het stadhuis op de Coolsingel niet in brand, wel wat geraakt door bommen. Op de trap van het stadhuis staande kwam een vrouwtje naar mij toe om te vertellen dat ze alles kwijt was.’ Later koopt Cor foto’s van het verwoestte Rotterdam en plakte ze in een album. Erbij schrijft hij: ‘Let op de tekenen der tijden.’

Fotoalbum van Cor Visser met foto’s van Rotterdam na het bombardement. Cor koopt de foto’s later en plakt ze in een album. Erbij schrijft hij: ‘Let op de tekenen der tijden.’ Privécollectie Gerda van der Vaart-Visser.