Marie Wandscheer (1856-1936)

Marie Wandscheer (1856 – 1936) is een van de Joffers, die zich toeleggen op het schilderen van wat zich binnenshuis afspeelt.

Damesklas

Marie Wandscheer (Amsterdam 1856 – Ede 1936) verruilt de privéschilderlessen van Valentijn Bing in 1876 voor de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten in Amsterdam. In totaal studeert ze daar tien jaar. Ze zit in de bekende ‘damesklas’, een groep van in totaal acht vrouwelijke kunstenaars, die bekend worden als de Amsterdamse Joffers.

Marie Wandscheer, Astarte, godin van de Hemel, 1882. Collectie: Stedelijk Museum Schiedam

Binnenshuis

Terwijl het modernisme om zich heen grijpt in Europa, kiezen de Joffers voor traditie en conventionaliteit: van het impressionisme moeten zij niets weten. De Joffers schilderen wat er zich binnenshuis afspeelt, zoals stillevens, portretten en alledaagse taferelen. Het oeuvre van Wandscheer bestaat voor het overgrote deel uit bloemstillevens, maar ze maakt ook figuurstukken. Vrouwen zijn daarin vaak het onderwerp.

Gevoel voor kleur

Haar fijnzinnige stofuitdrukking en gevoel voor kleur komen in beide soorten werk naar voren. Haar verhuizing van Amsterdam naar Ede, in 1896, maakt dat haar artistieke handschrift tot ontwikkeling komt. Tijdens haar leven exposeert ze haar werk in onder andere Amsterdam, Rotterdam en Den Haag.

Marie Wandscheer, Stilleven met bloemen. Collectie: Stedelijk Museum Schiedam