Parijs was mieters!
Nederlandse fotografen in Parijs · 1945-1965


Parijs! Daar moest je geweest zijn… Nederland na de Tweede Wereldoorlog was nog klein en benepen, een culturele woestenij in wederopbouw. Parijs was anders, Parijs gaf een gevoel van vrijheid en bevrijding.

Als onbetwiste cultuurhoofdstad van de wereld oefende Parijs decennia lang een onweerstaanbare aantrekkingskracht uit op Nederlandse schilders, schrijvers, dichters en denkers – van Piet Mondriaan en Karel Appel tot Eddy du Perron en W.F. Hermans. Ze leefden er in spreekwoordelijke armoe, vergaarden er hun roem of trokken teleurgesteld weer weg. Maar altijd liet Parijs onuitwisbare sporen in hun werk na.

Nu is vrijwel vergeten dat ook bijna alle belangrijke Nederlandse fotografen van de jaren vijftig korte of langere tijd in de Lichtstad werkten. Emmy Andriesse bijvoorbeeld, maar ook Sem Presser, Ad Windig, Fred Brommet, Kees Scherer, Cor Dekkinga, Henny Riemens en Paul Huf. De Hollandse fascinatie voor het Parijse leven leverde klassieke fotopockets op als Bonjour Paris van Cas Oorthuys (1951) en Vrouwen van Parijs van Nico Jesse (1954), bestsellers die voorgoed ons beeld van die stad bepaalden. Ed van der Elsken schreef wereldwijd fotogeschiedenis met Een liefdesgeschiedenis in Saint-Germain-des-Prés (1956), en met Paris mortel (1963) toonde ook filmer Johan van der Keuken zich een meester van het fotoverhaal.

De tentoonstelling laat zien hoe de Nederlandse fotografen in Parijs naar hun collega-kunstenaars keken, die mede dankzij die foto's roem vergaarden, zoals de jonge schilders Karel Appel en Corneille, de bejaarde Kees van Dongen en de gevierde Ossip Zadkine. Maar de tentoonstelling geeft vooral een uniek beeld van de Nederlandse blik op Parijs in de jaren vijftig: een adembenemende wereldstad van on-Nederlandse allure, schijnbaar onaangeraakt door de Tweede Wereldoorlog, waar de morsige clochards en piekfijne mannequins, de grandeur van de Eiffeltoren en het pittoreske Montmartre het meest fotogenieke straatbeeld ter wereld opleverden. Met hun camera verzoenden ze elke tegenstelling, van toeristenfuik tot zelfkant, in een wereldstad zonder weerga. ‘Alles van Parijs was mooi,’ vond Charley Toorop al voor de oorlog. Voor de jeugd van de jaren vijftig was Parijs in één woord: ‘mieters!’


terug naar tentoonstellingsarchief