![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
| verwacht | archief | |
Parels van Schiedam Het Stedelijk Museum Schiedam is opgericht na een schenking aan de gemeente Schiedam door Gerrit Visser, Commandant-Majoor van de schutterij in Schiedam. In 1899 is zijn collectie wapens, oudheidkundige en archeologische voorwerpen en curiosa ondergebracht in de Sint Joris Doelen waar het voor het publiek toegankelijk was. De collectie is in de eerste helft van de 20 ste eeuw door schenkingen en aankopen uitgebreid met werk van modern klassieke kunstenaars als Isaac Israëls, Jan Sluijters, Leo Gestel, Thérèse Schwartze en Matthijs Maris. Portretten van hoogwaardigheidsbekleders en welgestelde burgers van Schiedam uit de 16 de tot en met de 19 de eeuw, bijvoorbeeld het portret van de haringreder en priester Pieter Servaesz. Fabri en dat van Admiraal Pichot, zijn door Schiedamse particulieren aan het museum geschonken. Het museum heeft door twee grote schenkingen een uitgebreide collectie van de kunstenaars Abraham Gips en Johannes Aarts, die nu ook in volle bloei te zien zullen zijn. In de tentoonstelling zijn twee kabinetten ingericht met het werk van Bram Gips en Johannes Aarts. Het museum bezit van beide kunstenaars honderden werken die nooit eerder door het museum getoond zijn. Bram Gips (1861 – 1943), Schiedammer van geboorte, was hoogleraar aan de Technische Hogeschool in Delft. In de loop van zijn carrière heeft hij zowel beroepsmatig als uit liefde voor het kunstenaarschap zich toegelegd op vele kunstvormen. Voor zijn plezier maakte hij portretten en landschappen en in opdracht maakte hij ontwerpen voor huizen, meubels, plafonds, servies, affiches, postzegels etc. In 1954 hebben twee dochters van Gips enkele honderden werken aan het museum geschonken. Johannes Aarts (1871 - 1934) was een meestergraveur en beheerste als geen ander in Nederland de vele grafeertechnieken waaronder het moeilijke kopergraveren. Als hoogleraar aan de Rijksakademie van Beeldende Kunsten in Amsterdam was hij niet afhankelijk van zijn kunstenaarschap. Tijdens zijn leven heeft hij weinig verkocht, maar bewaarde het bij de Rijksakademie. Na zijn dood in 1934 heeft zijn opvolger professor J.J. Bronner ervoor gezorgd dat de collectie aan het Stedelijk Museum Schiedam werd geschonken. Vrij recent is de verzameling toegepaste kunst uitgebreid door enkele aankopen, zoals de gildenbekers, onder directeur Pieter Tjabbes verworven met subsidie van het VSB fonds en een aantal jaren geleden het Vürtheim-servies. Julius Johannes Vürtheim (1842-1932) kreeg het 28-delig theeservies van de gemeente Schiedam als dank voor de aanleg van de eerste tramlijn in de stad. Het servies is via het Venduehuis Zwolle gekocht van de familie Vürtheim. In 1991 zijn, met steun van de toenmalige Bondsspaarbank Schiedam-Vlaardingen – nu het Fonds Schiedam Vlaardingen e.o. - twee vergulde gildenbekers aangekocht. Het is een beker van het Sint Barbara- of metselaarsgilde en van het Sint Nicolaas- of kramersgilde. Beiden dateren uit 1756. Begin dit jaar heeft het Museum door bemiddeling van de Vereniging Rembrandt een tweede werk, het Stilleven, van de Schiedamse kunstenaar Gerrit van Vucht in de collectie opgenomen Bij de tentoonstelling verschijnt een special van het blad Sceydam van de Historische Vereniging Schiedam. Eveneens verschijnt een dubbeldikke uitgave van het Bulletin van het Stedelijk Museum Schiedam. Dit is het laatste nummer van het Bulletin. Tijdens de duur van de tentoonstelling is de Historische Vereniging Schiedam op zaterdag aanwezig in De Korenbeurs. Bezoekers kunnen lid worden van de vereniging en vragen stellen over de vereniging, de tentoonstelling en de geschiedenis van Schiedam. |
|